Image

(Deel 1)

…Mijn ogen gaan open. Dit ga je niet menen! Deze kamer. Alweer?! Ik slaak een diepe zucht, wrijf wat in mijn ogen, sta op en besef dat alle dozen weer netjes tegen de muur opgestapeld zijn. Alsof ik ze nog nooit aangeraakt heb. Ik kijk naar die chipknipdeur en observeer nog eens die poster. Ik open alle dozen nogmaals, haal daar de voorwerpen uit, in de hoop dat deze nog eens van pas kunnen komen en breng mezelf weer naar de deur. Mijn hand reikt naar de deur, ik weet dat ‘ie op slot is, maar… >>

 

Ik ben eigenwijs en probeer het gewoon weer te openen. Niets. Ik kijk naar het chipknip apparaat, voel wat in mijn broekzak en haal de 4 nummerbordjes tevoorschijn. Welke was het ook alweer? Nummer 2, 3, 4 of 5…? Shit, denk ik. Op school kon ik ook al niet goed mijn aandacht bij de les houden.

Ik kijk wat nadenkend om me heen, bijt wat op mijn onderlip en haal vervolgens de stopwatch uit mijn zak. Nog 6:53 minuten te gaan. Ik kijk achterop, of daar niet iets staat. Enkel het logo van Nike. Ik pak een van die nummerbordjes, wil beginnen te typen en besef mij dat die kerel op de poster 5 vingers opsteekt. Hoe bijgelovig ook, pak ik het nummerbordje met de 5 erin gekerfd. Ik begin te typen en tegelijkertijd denk ik aan hoe achterlijk het bijgeloof ook is. Niet onder een ladder door lopen, vrijdag de 13e, een zwarte kat, gebroken glas, etc. Daar deed ik vroeger allemaal aan mee. Stapte een van je maatjes in de hondenpoep, legde je je vingers in een kruis en riep je zo hard als je kon “inent!!!”. Mooie tijd, haha…

De laatste 2 getallen tik ik in, het apparaatje piept en de deur klikt open. Ik stop de bordjes weer terug in mijn broekzak, open de deur en een fel, verblindend licht verschijnt. Ik loop met gespleten ogen door de deur. Het felle licht zorgt ervoor dat ik echt niets meer zie. Een harde knal volgt, de deur achter me sluit met een luide knal, alsof iemand het dicht gooit. Ik kijk achterom, de deur is weg. Een stenen muur. Het licht verdwijnt. Ik draai me weer om, met mijn rug richting de muur.

Weer een mysterieuze kamer.

Deze ziet er echt heel anders uit. Alsof het een compleet ander huis is. Ik kijk nog eens achterom, maar de deur is echt weg. Ik ben ergens in verzijld geraakt, maar ben er nog niet achter hoe…

Plots begint iets in mijn broekzak te trillen en te piepen. Ik pak de stopwatch. Deze lijkt weer op te lopen. Alhoewel… Nee, deze loopt weer af, maar staat nu op 09:05 minuten. Tien minuten weer. Wat komt er dan? Wat gebeurt er dan met mij? Nog steeds trilt en piept er iets in mijn zak. Ik haal de mobiele telefoon uit mijn zak en zie dat ik weer èn volop bereik heb, èn dat ik gebeld wordt. Gebeld door ‘Nummer 1’. Ik druk op het groene knopje en neem de telefoon op. “Hallo?”. Aan de andere kant klinkt een een beetje geruis. Er klinkt nog iets anders, maar dat kan ik niet helemaal thuisbrengen. Ik luister nog eens goed en zet de telefoon op de handsfree stand. Plots vanuit niets een hard gegil. Ik schrik en laat de telefoon vallen. Mijn hart gaat tekeer en mijn adem verstokt. Het gegil houdt op en de hoord wordt aan de andere kant opgegooid. Ik kijk nog eens om me heen. Nu minder kalm dan de eerste keer en nog niet bijgekomen van de schrik. Ik probeer een nummer te draaien, maar zie dat ik alweer geen bereik heb. Ik houd de telefoon wat hoger, want blijkbaar was er net wèl bereik. Niets. Geen enkel signaal.

Plotseling klinkt er weer een hard gebonk op de deur aan de andere kant van de kamer. Ik verstijf van angst, maar nog geen seconde later, alsof ik uit een droom ontwaak, ren ik naar die deur. Ik pak de deur en….

Koppijn. Pijn in mijn rechterhand. Ik tril helemaal. Ik lig op mijn rug. Stilte. Waar ben ik? Ik kom langzaam overeind en zie de kamer waar ik net ook was. Ik sta langzaam op. Mijn lichaam tintelt en voelt verbrijzeld aan. “What the fuck!” kreun ik. Ik grijp in mijn broekzak, naar de telefoon, maar pak eerst de stopwatch. 3… 2… 1… Een fel licht wat langzaam overgaat in een doodse stilte en een zwarte waas….